Woensdag 11 juni 2014

22.33 uur


Ik neem me altijd voor om lang boos te blijven maar dat lukt nooit. Omdat ik vergeet dat ik boos was of omdat ik het onderwerp van m'n boosheid om een gunst moet vragen. Want dat kan niet op boze toon. Kort en goed: het ei dat ik met m'n spastische klauwtje niet kon pellen heeft mogelijk onze vakantie gered.




Daarna werd het heel gezellig. Bram deed net of hij geen haast had en ik deed net of ik zin had in de geplande lange wandelingen.




"Kijk", zei ik, "hier is waarschijnlijk ooit het hout gekapt voor onze Ikea-meubelen." Bram ging er serieus op in, want die snapt geen simpele grapjes.

M'n opmerking werd bestempeld als "een interessante maar beetje onnozele gedachte" omdat de kans verschrikkelijk klein was dat juist hier het hout voor onze meubels was gekapt, ook omdat Ikea veel hout uit bijvoorbeeld Rusland, Duitsland en Polen gebruikt.

M'n verkering weet dat gewoon. Love him.




Ik hoorde Jeroen Kijk in de Vegte op de radio. Het was hem echt hoor, datzelfde lage stemgeluid met die hoge verbaasde slingertjes erin.




Onze eerste stop was bij een elandenpark in Kosta.




"Waarom staat er expliciet bij dat je hier lévende elanden kunt bekijken?", vroeg ik.




"Omdat je ze hier ook kunt opeten", zei Bram.




"Zeg, ze zitten toch wel achter een hek hè?" Ik deed m'n best om het nonchalant te laten klinken.

"Ja, misschien wel", zei Bram.




We kregen een stempel. "Ik wíst dat je dat leuk zou vinden", zei Bram.




Vlak na de ingang zagen we de eerste.




Hij was zo echt dat hij nep leek. "Schiet nou maar op", riep ik, "want we zien er onderweg nog meer dan genoeg."




We liepen best lang maar we zagen er geen een meer.




"Misschien hebben ze zich verstopt", zei Bram.




"Of misschien was er een grote barbecue en zijn ze nu allemaal op", zei ik.




"Nee. Hier ook niet. Alleen die ene, bij de ingang. Die is daar natuurlijk met opzet neergezet."




De omgeving was best mooi, trouwens.




Maar dat ging aan Bram voorbij want die zocht op internet vergeefs een verklaring voor de elandafwezigheid.




Aan het eind van de route stond "Het Elandenmuseum", een schuur met drie voorstellingen erin. Er hingen geen bordjes bij maar dat hoefde ook niet want dit was een fijn stukje aanschouwelijk onderwijs.

Zo weet ik inmiddels dat er ook elanden waren met nazi-sympathieën.




Dat er spastische jagers bestaan.




En dat ze zelfs in Zweden winkels met nepkerstbomen hebben. En spuitsneeuw.




Deze waren echt, trouwens.

"Hoe mekkeren Zweedse geitjes eigenlijk?", vroeg ik me hardop af. "Doen die bæh of bøh?"




"Bäh denk ik", zei Bram serieus. "Want de Zweden gebruiken geen æ en geen ø. Bovendien kunnen wij Nederlanders niet bedenken hoe een Zweed dat mekkeren van een geitje opschrijft."

M'n verkering had daar laatst toevallig iets over gelezen van psycholoog en linguïst Steven Pinker. Dus kon hij me precies uitleggen dat de geluiden die dieren voortbrengen minder onomatopoëtisch zijn dan je zou denken.

Anders gezegd: hoe ze in een taal het geblaf van een hond noemen, hangt af van conventie en woordbeeld.

"Want een poes zegt toch eigenlijk ook geen miauw?", zei Bram.

Goed punt.




"Ik zou denk ik best een stukje eland lusten", probeerde Bram.

"Je hebt net je ontbijt op", zei ik.




Als goedmakertje mocht hij iets anders kopen.




"Ik zou best een kopje koffie lusten", zei ik.

Maar volgens Bram had ik net koffie gehad bij het ontbijt.

Toch moesten we hier van Bram naar binnen. Want er was een expositie over elanden in het verkeer.




Wederom een fraai stukje aanschouwelijk onderwijs.




Ze serveerden er zoals gezegd ook koffie.




En er hing reclame voor 'New Kids Nitro'.




Iets verderop kon je kijken hoe ze glas maakten: we liepen met wat andere mensen een fabriek in, waar mensen aan het werk waren. En daar mochten we kijken.




Dus geen hekjes of bordjes of uitleg ofzo, gewoon puur aanschouwelijk onderwijs.




"Ik vind dit waanzinnig lelijk", mompelde Bram.

"Ik ook', zei ik, "dus het zal wel weer kunst zijn."




"Dit is maar een klein meertje, vergeleken met het Vättermeer", zei Bram. "Want dat is het op een na grootste meer van Zweden. Of had ik dat al verteld?"

"Weet ik niet meer", zei ik.

Kon hij niet om lachen.




Voor het eerst tijdens onze vakantie regende het.




"Welkom in Jönköping", riep Bram. We waren dicht bij het station, dus maakte ik een paar foto's voor treinenfreak Jesse.




Hier stond Slutstation, maar dat kreeg ik niet op de foto.




"Tadaa!", deed Bram. "Ik wíst dat jij dit leuk zou vinden, het lucifermuseum!"




"Is hier ook een radiomuseum?", vroeg ik verbaasd.

"Ja", zei Bram, "maar dat staat niet op de planning. Jij vindt daar niks aan want daar staan alleen maar oude radio's."

Ik huilde even heel hard, van binnen. "Wat ken je me toch goed", zei ik met geknepen stem.

"Ja hè?", zei Bram.




Het lucifermuseum zag er heel erg Pipi Langkousachtig uit, maar daar hadden wij geen oog meer voor want werkelijk elk pand ziet er hier zo uit.




We kregen eerst een film te zien over de productie van de eerste lucifers. Gebeurde bij mensen thuis. En dat is niet om te lachen want kinderen doopten de stokjes in de fosfor en daar gingen ze vaak heel erg dood van.




Ook de doosjes werden thuis gemaakt. Dat was dan wel weer om te lachen, blijkbaar.




Achter dit bureau heeft een ingenieur de Säkerhets tändstickor bedacht, een lucifer die het alleen doet met behulp van de strip op het doosje. Stukken veiliger, want vóór die tijd ontbrandden die dingen de hele tijd op de verkeerde momenten.




Stukje aanschouwelijk onderwijs. Papiertje om een mal vouwen, lijm erop en dichtplakken.




Stempel erop.




O ja, en lucifers erin.




Die arme Zweedse arbeiders kregen eerst allemaal ziektes door de giftige stoffen en daarna werden ze afgedankt.




Want toen namen machines het over.




Heel slim: het bedrijf vroeg in 1855 patent aan op de veiligheidslucifer en verstrekte overal ter wereld grote leningen, in ruil voor het alleenrecht op de luciferproductie.




Vind ik leuk.




Een telegraafmachine. Ook leuk.




Ja euh, handel is handel.




Dit was in Gränna. Hier maken ze polkagris. Zuurstokken met pepermunt. Of, zoals Bram zei: "lèksteele meej pepermunt".




Had ik al verteld dat ze hier in Zweden fan zijn van aanschouwelijk onderwijs?

Bram wilde per se dit filmpje maken. Ik zoek er voor het gemak maar niks achter, ook al ziet het productieproces er licht erotiserend uit.




We durfden na de gratis voorstelling niet zomaar de winkel uit te lopen.




Ik was daarna te moe om ruzie te maken over het volle programma. Wat goed uitkwam, want onze bed and breakfast in Vadstena was nog best ver rijden.




Dit is dus wat Pippi Langkous elke ochtend zag.




Er stond een koelkast in de wc. Dacht ik. Maar toen ik een biertje uit de onderste la wilde pakken, bleek het de cv-ketel.




Bram kreeg er niets van mee. Die hoorde niet hoe de metalen kap van de cv-ketel op de grond lazerde en hoe ik keihard om mezelf lachte. Want m'n verkering was geconcentreerd aan het lezen in de reisgids. En dan hoort hij niks.




Het allerleukste van een vakantie in het buitenland: boodschappen doen! Bram vond dat heel vies klinken, smör. "Zulke boter zou ik echt nooit op m'n brood smeren!"




Top: Yoki-drink met bosaardbeien.




Jam van de wilde lijsterbes. Dat had Bram juist wel heel graag op z'n brood willen smeren.

"Nee", zei ik, "we hebben net ons avondeten op."




"Huh?", zei ik. "Wat is dít nou weer?"

Bram snapt geen simpele grapjes dus die keek me aan alsof ik heel dom was.




'Felix' heet hier 'Pussi'. Ik weet niet hoor.




We kochten alleen een cd met Zweedse popmuziek.




"Ga jij maar snel aan je plog werken", zei Bram. "Want anders hebben we al die uitjes en foto's voor niks gemaakt."

Zelf ging hij maar vast slapen, "want het is heel vermoeiend hoor, als je in je eentje zo'n hele trip moet plannen."


vorige plog


Rechie schreef: Volgens mij is het dekbed overtrek in jullie B&B van de IKEA